ARTIKELEN

 

EEN EENVOUDIGE METHODE VOOR HET METEN VAN DE GELUIDSSNELHEID / AFSTRALINGSRATIO IN HOUT VOOR KLANKBORDEN.


 

Chris Van Heddegem, CMB Puurs 2012-2013

Inleiding

Het bouwen van muziekinstrumenten start steeds met de selectie van de meest geschikte materialen.
De belangrijkste parameter van materiaal voor klankborden is de afstralingsratio, die afhankelijk is van de stijfheid en de densiteit van het materiaal en die berekend wordt door de geluidssnelheid te delen door de densiteit. Bij voorkeur ligt deze verhouding hoger dan 15 (in de langsrichting van de groeiringen); hoe hoger hoe beter voor het geluidsvolume van het instrument.
Traditioneel wordt klankbord materiaal manueel beoordeeld door het te buigen om een idee te krijgen van de stijfheid en door het gewicht te schatten.
Met eenvoudige middelen die ons nu algemeen ter beschikking staan is het echter ook mogelijk om geluidssnelheid en afstralingsratio te berekenen uitgaande van enkele eenvoudige metingen.

 

CONSTRUCTIE VAN EEN COMPOSIET GITAARBOVENBLAD


 

Verslag van een uiteenzetting gegeven door Gernot Wagner op 14 mei 2010 in het kasteel van Hingene.
Auteur: Chris Van Heddegem, CMB Puurs

Samenvatting

Op het Corde Factum gitaarfestival op 14 mei 2010 gaf Gernot Wagner een uiteenzetting over het vervaardigen van een composiet bovenblad1 voor de gitaar. Gebruikte materialen, gereedschap en werkmethode werden behandeld.

Inleiding

De eerste gitaar met een dubbel bovenblad werd gebouwd door Matthias Dammann (MD) in Duitsland omstreeks de late jaren 1980. MD kwam op het idee een bovenblad samen te stellen uit 2 heel dunne bladen toonhout met tussenin een structuur van diagonaal gelijmde strips. Het resultaat was goed maar de constructie zelf was gecompliceerd.

 

STEMMECHANIEKEN VOOR DE KLASSIEKE GITAAR.


 

Chris Van Heddegem, CMB Puurs, Gitaarbouw 2010-2011

Waverley stemmechaniekHet ontstaan van de stemmechanieken gaat terug tot het begin van de 19e eeuw, toen niet lang na de industriële revolutie, de vooruitgang in de machinebouw de constructie van worm / wormwiel overbrengingen mogelijk maakte. Bijzonder aan deze constructie is dat de worm het wormwiel aandrijft maar dat het omgekeerde praktisch uitgesloten is. Het moet dus niet verbazen dat stempennen de plaats moesten ruimen voor de technisch superieure worm / wormwiel stemmechanieken zoals die nu nog steeds toegepast worden. Tot in de vroege eerste helft van de 20e eeuw werd de worm voor het wormwiel geplaatst, dus naar de speler toe, zoals te zien op foto hiernaast. (Waverley (?) stemmechaniek op een Martin’s gitaar uit 1907)

Schaller stemmechaniek

 

 

Bij latere stemmechanieken bevindt zich de worm achter het wormwiel zoals op de foto hiernaast te zien is (Schaller LG1). Waarom deze aanpassing gebeurd is is totaal onduidelijk vooral omdat hiervoor geen technische reden aan te voeren is; waarschijnlijk heeft het alleen te maken met de beschikbaarheid van de componenten.